Naar de inhoud
Gratis en anoniem voor hulpzoekers · verwijderen kan altijd
výma jouw eerste stap

Faalangst bij je kind: hulp van een kindercoach

Faalangst bij je kind betekent dat het op het moment dat het moet presteren niet bij zijn eigen kennis kan. De spanning loopt zo hoog op dat het werkgeheugen dichtslaat. Geruststellen helpt daar zelden bij; oefenen onder spanning wel, net als kleiner maken wat er op het spel staat. Een kindercoach werkt daar in een handvol gesprekken aan. Slaapt je kind slecht, gaat het niet meer naar school of houdt de angst ook buiten toetsen aan, begin dan bij de huisarts.

Start je gratis hulpvraag

duurt ± 5 minuten · anoniem · vrijblijvend

“Ze kent het gewoon, en dan staat ze daar met een leeg hoofd”

Dit is de zin waarmee ouders binnenkomen bij faalangst. Je kind heeft de tafels opgezegd aan de keukentafel, foutloos, drie avonden achter elkaar. De volgende ochtend komt er een blad terug met de helft ingevuld. Thuis kan het, op school verdwijnt het.

Wat het verwarrend maakt, is dat je kind zelf ook geen verklaring heeft. Vraag je wat er gebeurde, dan krijg je “weet ik niet” of “ik was het ineens kwijt”. Dat is geen ontwijken. Het is een vrij precieze beschrijving van wat er gebeurde.

Waar faalangst bij je kind vandaan komt

Onder spanning maakt het lichaam zich klaar om te vluchten of te vechten. Handig als er een auto op je afkomt, hinderlijk boven een rekentoets: precies het deel van het brein dat je nodig hebt om informatie vast te houden, het werkgeheugen, levert dan in. Je kind heeft de kennis nog wel, maar kan er op dat moment niet bij.

Daar komt een gedachte overheen die het versterkt. “Als ik dit verpruts, denken ze dat ik dom ben.” Zolang die gedachte er is, is elke toets een test van wie je bent en niet van wat je weet. De spanning stijgt, het geheugen levert verder in, en de uitkomst bevestigt de gedachte.

Dat kinderen die druk voelen is geen randverschijnsel. In de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023, waaraan ruim 188.000 leerlingen uit klas 2 en 4 van 885 middelbare scholen meededen, gaf 34,5 procent aan regelmatig of vaak prestatiedruk te ervaren. Bij een op de drie leerlingen speelt dit dus, in sterkere of mildere vorm.

Wat averechts werkt

Meer oefenen is de eerste reflex, en bij faalangst pakt die verkeerd uit. Je kind kende de stof al. Nog een uur overhoren bevestigt vooral dat dit blijkbaar heel belangrijk is, en dat is de lading die je juist eraf wilt halen.

Geruststellen werkt ook zelden. “Het komt heus goed” en “een cijfer zegt niets” zijn waar, en ze gaan langs de angst heen. Je kind concludeert dat jij het probleem anders inschat dan hij, en houdt het de volgende keer voor zich.

Wat wel helpt is het scenario afmaken. Vraag door: en als je een vier haalt, wat gebeurt er dan? Meestal komt daar een antwoord uit dat kleiner is dan het gevoel: een herkansing, een gesprek met de juf, een teleurgestelde blik die overgaat. Angst wordt groter van vaagheid en kleiner van concreetheid.

Oefen daarnaast onder spanning in plaats van in alle rust. Een spreekbeurt staand voor het gezin, met de kat als publiek. Een rekenblad met een wekker ernaast. Wie een paar keer heeft gemerkt dat het lukt terwijl het hart tekeergaat, bouwt daar iets mee op dat een geruststelling nooit levert.

Wat een kindercoach hieraan doet

Een kindercoach doet ongeveer wat hierboven staat, alleen met iemand die er niet bij hoort. Dat scheelt meer dan je zou denken: bij jou wil je kind het goed doen, en dat is precies de spanning waar het om gaat.

In de eerste gesprekken gaat het over het moment zelf. Wat voel je, waar in je lijf, wat is de gedachte die er dan is. Daarna komt er iets tegenover te staan dat je kind kan uitvoeren als het zover is: een ademhaling, een zin die het tegen zichzelf zegt, een volgorde waarin het de vragen aanpakt. Ten slotte oefenen ze het, want een plan dat je alleen bedacht hebt houdt geen stand op het moment dat het hart tekeergaat.

Vaak blijkt onderweg dat het onderwerp van de angst niet het onderwerp is. Een kind dat bang is voor een onvoldoende, is soms vooral bang voor het gezicht van zijn vader. Dat uitzoeken is het werk waarvoor je iemand inschakelt.

Waar dit aan grenst

Faalangst is een van de vragen waarbij coaching passend is, juist omdat er meestal niets te behandelen valt. Het wordt anders zodra de spanning zich losmaakt van het presteren: als je kind ook op zondagavond buikpijn heeft, als het niet meer naar school wil, of als het somber wordt. Dan begin je bij de huisarts, en die kan doorverwijzen naar de jeugd-ggz.

Zit de spanning breder dan school, kijk dan bij schoolstress en prestatiedruk. Gaat het vooral om hoe je kind over zichzelf praat, dan sluit weinig zelfvertrouwen beter aan. De andere vragen staan bij kind en tiener.

Laatst bijgewerkt op

Wanneer past een coach, en wanneer je huisarts?

Een coach past als …

  • je kind de stof beheerst en het op het moment zelf laat afweten
  • de spanning zich richt op toetsen, spreekbeurten of wedstrijden en daarbuiten wegzakt
  • je kind verder naar school gaat, vrienden heeft en gewoon meedraait
  • je merkt dat oefenen thuis vooral ruzie oplevert en je iemand van buiten zoekt

Ga eerst naar je huisarts als …

  • de angst ook buiten prestatiemomenten aanhoudt, bijvoorbeeld op zondagavond of in de bus
  • je kind lichamelijke klachten heeft waar nog niet naar gekeken is
  • je kind weigert naar school te gaan of steeds vaker ziek thuisblijft
  • er sprake is van somberheid, of van gedachten over dood of zichzelf pijn doen

Denk je aan zelfdoding of doe je jezelf pijn? Bel 113 of gratis 0800-0113, of chat via 113.nl, dag en nacht bereikbaar. Bij direct gevaar: 112.

Welke coach past hierbij?

Bij faalangst bij je kind gaat het meestal om een kindercoach, tienercoach, jongerencoach, oudercoach, gezinscoach. Je hoeft dat zelf niet uit te zoeken: op basis van je verhaal leggen wij je vraag voor aan de coaches die erbij passen. Elke coach op Výma is geverifieerd op KvK-inschrijving, kwalificaties en beroepsregisters, en kiest maximaal drie thema's: specialisten dus, geen alleskunners.

  • kindercoach
  • tienercoach
  • jongerencoach
  • oudercoach
  • gezinscoach

Veelgestelde vragen

Kan een kindercoach helpen bij faalangst?

Ja, zolang je kind verder gewoon meedraait en de spanning zich richt op momenten waarop het moet presteren. Een kindercoach behandelt niet, maar oefent met je kind wat het op zo'n moment kan doen en zoekt uit welk beeld er onder de angst zit. Meestal gaat het om vier tot acht gesprekken.

Is faalangst hetzelfde als een angststoornis?

Nee. Bij faalangst loopt de spanning op rond een prestatie en zakt hij daarna weg. Bij een angststoornis houdt de angst aan, gaat hij over meer dan presteren en begint je kind situaties te vermijden. Herken je dat laatste, dan hoort de vraag bij de huisarts.

Helpt het om te zeggen dat een cijfer niet uitmaakt?

Zelden. Je kind hoort dan vooral dat jij het anders ziet dan hij, en dat maakt het eenzamer. Wat beter werkt is meedenken over wat er dan gebeurt als het misgaat, en dat scenario samen zo klein maken als het in werkelijkheid is.

Vanaf welke leeftijd is dit zinvol?

Vanaf een jaar of zeven, wanneer kinderen zichzelf gaan vergelijken met klasgenoten. Onder de twaalf werkt een kindercoach vaak met spel en tekenen, daarboven meer pratend. Bij tieners heet het meestal examenvrees, en dan komt er een tienercoach in beeld.

Zet je eerste stap

Vertel in je eigen woorden waar je tegenaan loopt. De rest komt naar jou toe.

Start je gratis hulpvraag

duurt ± 5 minuten · anoniem · vrijblijvend